|
(5) K+L+P - K
Stelling 4: willekeurige beginstelling
De eerste stap: de koning centraal zetten: 1.Kd3
Ke5
de zwarte koning probeert natuurlijk zolang mogelijk in het midden te blijven. 2.Nc3
De tweede stap: de stukken erbij en proberen goed te zetten (loper en paard op hetzelfde kleur, één veldje tussen). 2...Kf4
3.Be3+
[ Ook 3.Bc5
is goed] 3...Ke5
4.Kc4
Het paard en de loper staan voorlopig goed. De koning moet nu een betere positie opzoeken. 4...Kf5
5.Kd5
Kf6
[ Na 5...Kg4
6.Ke4
wordt de zwarte koning gemakkelijk naar hoek h1 gedreven] 6.Ne2
De loper en het paard staan weer iets te ver weg van de zwarte koning, dus proberen ze een rijtje op te schuiven. 6...Kf5
7.Nd4+
Kf6
[ Na 7...Kg4
8.Ke4
komt h1 weeral heel dichtbij] 8.Bf4
Ke7
Zwart probeert de hoek te ontlopen. 9.Kc6
Paard en loper staan weer goed, dus is het weer tijd voor de koning. 9...Kf7
[ 9...Kd8
10.Kd6
en zwart zit weeral gevangen] 10.Kd7
Kg6
11.Ke6
Kh5
12.Kf5
De koning probeert zo goed mogelijk te volgen. 12...Kh4
Nu is het even opletten geblazen. De zwarte koning moet naar h1 gedreven worden. De witte koning zorgt ervoor dat hij niet wegkan in de richting van h8, dus het paard en de loper moeten de kant van a1 voor hun rekening nemen. De loper dekt veel velden en staat dus goed. Het paard mag dus een rijtje dichter komen en naar e3 gaan. 13.Nc2
Kh3
14.Ne3
De zwarte koning heeft maar 3 velden meer: h3, h4 en h5 14...Kh4
En nu? Op zoek naar de sleutelstelling, dus het paard moet naar g3 15.Nf1
Kh3
16.Ng3
Kg2
17.Kg4
Kf2
18.Bd2
Eenmaal je de koning zo dicht bij de hoek gekregen hebt, geraakt hij er niet meer weg, maar je moet wel blijven opletten en wat rekenen! 18...Kg2
19.Be3
Kh2
20.Kf3
Kh3
En we hebben de stelling bereikt die we wouden. Van hieraf moet je het blindelings kunnen. 21.Bg1
Kh4
22.Ne4
Kh5
23.Kf4
Kg6
24.Ng5
Kf6
25.Bc5
Kg6
26.Be7
Kh5
27.Kf5
Kh4
28.Bd6
Kh5
29.Bg3
Kh6
30.Ne6
Kh5
31.Ng7+
Kh6
32.Kf6
Kh7
33.Kf7
Kh6
34.Bf4+
Kh7
35.Ne6
Kh8
36.Be3
Kh7
37.Nf8+
Kh8
38.Bd4#
*
|