Toen Rabbi Levi Jitzchak zijn ambt als Rabbi van Berditsjew aannam, stelde hij als voorwaarde dat hij alleen uitgenodigd zou worden bij samenkomsten, waarop nieuwe besluiten moesten worden genomen. Eens besloot men om te stemmen over een verbod tegen het huis-aan-huis bedelen van de armen. Er werd voorgesteld een algemeen fonds in te stellen om daaruit de armen te helpen. De Rabbi werd geroepen, maar hij protesteerde en zei: “Waarom halen jullie mij voor een oude zaak?” “Maar zij is nieuw”, zeiden zij. “Jullie vergissen je”, was zijn antwoord. “Zij is zo oud als Sodom en Gomorrah, waar rechtstreekse hulp aan de armen ook al was verboden. Misschien bezaten zij ook wel een algemeen fonds, dat als doel had de rijken te bevrijden van de noodzaak om van aangezicht tot aangezicht met de armen te staan.”

Louis Newman, Uit de wereld der joodse mystiek