Opvattingen over het huwelijk en over de wederzijdse echtelijke plichten zijn cultuurgebonden. Bij de Woyo bijvoorbeeld zijn spreekwoord-potdeksels een machtig middel waarmee vrouwen hun ongenoegen duidelijk maken. De Woyo maken deel uit van Kongo-volkeren. Ze wonen in de streek van de benedenloop van de Zaïre-stroom, aan één zijde begrensd door de Atlantische oceaan. Ze leven voornamelijk van de visvangst en van de jacht.
In de traditionele Afrikaanse context eten mannen en vrouwen doorgaans afzonderlijk. De man eet in het gezelschap van zijn mannelijke verwanten en vrienden. Nadat de vrouw het eten voor haar echtgenoot bereid heeft, schept ze het in een aarden kom die ze hem laat brengen. Normaal bedekt ze de eetschaal met een stuk bananenblad, maar als ze haar man iets duidelijk wil maken, kan ze op de kom een spreekwoord-deksel zetten, een houten schijf waarop figuren zijn uitgesneden die een spreekwoord uitbeelden Deze deksels zouden rond 1900 ontstaan zijn en hebben een gemiddelde doorsnede van 20 cm.
In de Afrikaanse culturen zijn spreekwoorden bijzonder betekenisvol. De voorouders schreven immers geen boeken maar gaven hun levenservaring, kennis en wijsheid grotendeels door via spreekwoorden en zegswijzen. Het aanleren ervan vormt een belangrijk onderdeel van de opvoeding: via het spreekwoord leer je je gevoelens op een beheerste manier uit te drukken. Taal is immers een gevaarlijk instrument. Negatieve uitlatingen kunne volgens de Woyo kwalijke gevolgen hebben die moeilijk ongedaan kunnen worden gemaakt.
Als bij de aanvang van de maaltijd blijkt dat er op een van de eetschalen een spreekwoord deksel zit, ontstaat er deining. De privé-twist wordt nu geopenbaard en de maaltijdgenoten zullen de echtgenoot aansporen het probleem op te lossen.
De Woyo zijn immers matrilineair en als de vrouw in extremis haar man verlaat, heeft ze het recht de kinderen mee te nemen. Zo ze bijvoorbeeld het potdeksel met draagmand uitkiest en naar haar man stuurt, verwittigt ze hem dat ze haar spullen zal pakken indien hij haar niet goed behandelt.
Een deksel waarop een vrouw door een slang wordt omwikkeld, verwijst dan weer naar het spreekwoord een python heeft een mens gedood: wij hebben alleen het nieuws gehoord. Met andere woorden: laat je niet door geruchten leiden. De vrouw gebruikt het deksel als ze een verandering constateert in haar mans gedrag. Ze stelt hiermee dat wat over haar verteld wordt niet klopt en dat de man zich heeft laten misleiden door boossprekers.
Andere thema’s die door de spreekwoord-potdeksels aan de orde gebracht worden zijn onder meer de luiheid, de gierigheid en de impotentie van de man.
Een jonge vrouw krijgt op het ogenblik van haar huwelijk een voorraad potdeksels van haar moeder en grootmoeder, samen met een ‘gebruiksaanwijzing". Is er geen geschikt deksel voorhanden, dan went de vrouw zich tot de dorpswijze en de spreekwoordenautoriteit. Zijn instructies worden dan overgemaakt aan de sculpteur.
De spreekwoord-potdeksels werden in hoofdzaak binnen het huwelijk gebruikt, maar soms ook bij de strijd om het hoofdmanschap en bij het huwelijksadvies van de ouders.
Door zijn metaforische zeggingskracht en poëzie beperkt het spreekwoord-potdeksel het geweld en zet het conflicten om in dialoog. De piktografische voorstellingen zijn dan ook ware socio-drama’s waarin de diverse conflictsituaties van de Woyo-samenleving worden uitgebeeld.
Gezien er steeds meer gebruik wordt gemaakt van email huishoudgerief zijn de houten gesculpteerde potdeksels een uitstervende traditie. In de jaren ‘70 reeds waren alleen de ouderlingen nog in staat de deksels te ontcijferen.

gevonden in De Morgen, ergens in '95