STUDIES

 

Het lager onderwijs deed ik gedeeltelijk te SINT-NIKLAAS in het stadsschooltje aan het Mercator-plein (1951-54) en gedeeltelijk in het schooltje van MERKSPLAS-Kolonie (1954-57).

 

Middelbaar onderwijs:

Ik volgde de Moderne Humaniora - Wetenschappelijke A in het Sint-Victorinstituut te TURNHOUT (Broeders van Liefde) van september 1957 tot juni 1963.
Ik had voornamelijk een wiskundige knobbel en aanleg voor fysica en scheikunde. De talen gingen mij toen minder goed af.
Een handigheid, die me later heel veel van pas zou komen, het "leren typen" met alle vingers, heb ik op "Sint-Vic" geleerd (tydens de middagpauzes, ipv spelen / wandelen / voetballen op de koer).

foto van het rethorica-jaar in  Sint-Victor-TURNHOUT 1962-63

Avondonderwijs:

Van 1963 tot 1965 (begin van de militaire dienstplicht) volgde ik avondonderwijs voor geagregeerde in de boekhouding te TURNHOUT. Aan deze leergang was ook het maken van een scriptie gekoppeld. Ik was bezig aan een werk over "Luchtreclame".
Met de aanvang van mijn militaire dienstplicht kwam toen een einde aan deze scriptie-werkzaamheden. Later kwam ik aan de weten dat dit eventueel een voldoende reden was geweest om mijn dienstplicht te mogen uitstellen !?!

Universitair onderwijs:

Embleem van de Koninklijke Militaire School

Vier jaar na beëindiging van de humaniora bereidde ik mij opnieuw voor voor het ingangsexamen van de K.M.S., eerst voor de poly-technische afdeling ... maar toen ik gewaar werd dat ik niet ging klaarkomen, liet ik mij inschrijven voor de afdeling "Alle Wapens", meer speciaal voor de rijkswacht.
Na het lukken van het ingangsexamen aan de Koninklijke Militaire School te BRUSSEL werd ik toegelaten tot de cyclus voor kandidaat-rijkswachtofficier.
Ik deed alzo mijn kandidatuursjaren in de K.M.S., gevolgd door de licentiaatsjaren aan de Rijksuniversiteit van GENT. Ik ben licentiaat in de criminologie RUG 1971.

logo van de rijkswachtNa deze vier jaren volgde nog 1 1/2 jaar "Applicatieschool" in de Koninklijke Rijkswachtschool, waar we naast de beroepsvakken ook management meekregen.

De totale cyclus voor rijkswachtofficier, die ik in Sep 1967 startte eindigde alzo in Dec 1972.

 

Voortgezette vorming "on the job":

De veranderende wetgeving vereist een voortdurende bijscholing.De nieuwe modi operandi, nieuwe vormen van criminaliteit en terrorisme, de nieuwe technieken in de criminalistiek en de opsporing op het terrein, de veranderende mentaliteit in de maatschappij vragen een niet stoppende leergierigheid en aanpassing.
Dat betekent veel wetgeving instuderen, boeken lezen en tijdschriften naslaan i.v.m. het beroep en de maatschappij, samenvatten, opstapelen in de grijze hersencellen. Al deze inspanning vielen te doen naast de dagdagelijkse opsporingen op het terrein en het beheer van het toegewezen personeel en de toevertrouwde eenheid, zonder "thuis" te vergeten.
Gent zou geen universiteitsstad zijn indien ik ook niet van dit aanbod proefde: ik volgde enkele postuniversitaire cursussen ivm de vernieuwingen in handel, economie, boekhouden en in maritiem recht.

Wiij maakten de introductie van de computer op het werk mee en zoals het steeds is: "als de baas zich ervoor interesseert, kan zijn personeel niet achter blijven". Ik doe heel veel met die computer: vroeger in dBase-taal, nu met Visual Basic en VBA.

Daarna kwamen de taalleergangen en het examen voor de effectieve kennis van de tweede landstaal. Na 13 jaar in het vak volgde ik gedurende twee jaren de voorbereidingscursussen tot de graad van hoger officier, wat een serieuze oppuntstelling en nieuwe aanwinst van kennis meebracht. Ik kreeg er toen voor de tweede maal management ... maar er zit evolutie in die branche. Er waren enkele nieuwe stromingen bijgekomen.

Omwille van mijn kennis van de duitse taal, mocht ook meerdere malen naar Duitsland gaan om cursussen aan duitse beroepsscholen (Bundes Kriminal Amt, Bundesschule für Verfassungsschutz, Internationaler Beamtenbund) te volgen. Ik volgde er enkele serieuze specialisaties.

Ander onderwijs:
Ik volgde taallessen aan het P.H.T.I. te GENT. Zo deed ik de taalleergang Duits tot en met de vervolmaking.
Ik voltooide er ook 3 jaar Italiaans, en diende even voor het einde van het vierde jaar verstek te geven. Jammer!!....maar het leven legt soms zijn eigen prioriteiten en regels op !!

Zonder er speciaal naar toe gewerkt te hebben (puur als hobby) volgde ik de cursussen Yachtman en Yachtnavigator, gegeven in de school van de Hogere Zeevaartschool.
De kennis van die stof kwam mij van pas toen ik mij later voor het Krijgsauditoraat te GENT moest specialiseren in "Zeevaartongevallen", om in dit domein gerechtelijke onderzoeken te doen. Ook toen had ik ook veel reglementen en studieboeken door te worstelen.

Ik volgde gedurende 2 jaren een avondcyclus "Management voor K.M.O." Dit was voor de derde keer in mijn leven, maar het gezichtspunt lag nu gans anders... commercieel !

 

Beschouwingen:
Wanneer men met enige afstand die leerperiode in het mensenleven overschouwd, dan heb ik heel veel te danken aan een leraar uit het lager onderwijs, nl. Felix SCHAEKEN. Deze man, die in het schooltje van Merksplas-Kolonie, het vierde-vijfde-zesde studiejaar gelijktijdig runde, heeft mij de basis bijgebracht waarop ik mijn hele verdere leven heb kunnen voortbouwen, voornamelijk het visualiseren van abstracte zaken en het in de praktijk toepassen van de theorie. Dit vermogen liet mij achteraf toe om uit boeken te leren, zelfs over handenarbeid (bvb. een trap maken, de volledige electriciteit van een huis ontwerpen en realiseren, ... )

Minister van Onderwijs, houd u leraars LO hoog in ere.
Meester SCHAEKEN, ge zult wellicht allang overleden zijn, maar toch bedankt voor die schat !!!

 

09 mei 2003.