BEROEPSLEVEN summier

Inleiding.
Tijdens mijn loopbaan bij de Rijkswacht werd het accent gelegd op de polyvalentie, waarbij voor de officieren het systeem van "job-rotation" werd gehuldigd.
Om de vier à vijf jaren moesten wij (om alle niveaus te verkennen en zich eigen te maken, om in elke bediening bij te leren, om te verbeteren conceptueel en leidinggevend, om de integriteit te dienen door onthechting aan ondergeschikten, machthebbers en relaties, ... enz.) mutatie doen naar een nieuwe functie. Kortom, een systeem volgens de managementsvisie van de jaren 60-70-80.
Gedurende de 90-er jaren werd dit rotatie-systeem stilaan verlaten, door aan te leunen bij specialisatie, levenslange continue beroepsvorming, grotere kwaliteitsverlening met een extreme budgetbeheersing, met afleggen van verantwoording over het gepresteerde. Ik vind dat ik altijd een voorloper ben geweest van dit laatste model.

Te GENT had ik het grote voordeel dat er heel veel functies beschikbaar waren en dat er weinig collega's echt voor de uitvoerende gerechtelijke dienst kozen.
In de uitvoerende gerechtelijke diensten moest men zijn job kennen, moest men kunnen leiding geven, moest men inventief zijn zeker als het u ontbreekt aan (werkings)middelen.
Kwam daarbij dat men meestal men beslissingen moest nemen binnen secondes / minuten, want elke fout door daden of door aarzeling, elk gezegde, elke emotionele gedragsuiting kon enorme consequenties hebben waarbij men terstond of later ter verantwoording werd geroepen.

1963 Jul - 1964 Feb

Voedingswarenbedrijf ROVANA te RIJKEVORSEL
     - als arbeider (1maand vacantiewerk)
     - nadien als bediende personeelsadministratie
1964 Mrt - 1965 Jan Technisch bediende bij wegenbouwfirma VAN GORP van RAVELS
     (op de centrale werf te SCHOTEN, Albertkanaal)

1965 Feb - 1967 Aug

Legerdienst 15 maanden:
     - Opleiding als K.R.O. "Kwartiermeesters en Transport" te HEVERLEE.
     - Mutatie naar LÜDENSCHEID: peletonscommandant Transport bij de 7KwMT
     - Na demobilisatie: verrichten van vrijwillige prestaties volgens het stelsel ROVPK.
Als complementair officier had ik er de functie van S4 op niveau Korps.
Opleiding tot Maintenance-officier te DOORNIK. (1966 - duurtijd 9 maanden)

Het was gedurende mijn legerdienst dat ik ontdekte dat ik lange afstanden kon lopen (9 Km en naderhand 16 Km in sportkledij, met bottinen en in lichte tenue, met bottinen en in volledige gevechtstenue (helm, rugzak, geweer, waterfles). Ik had zoiets nooit voordien gedaan. Later liep ik geregeld 20Km, zonder grootse prestaties, maar gemiddelde lopers zijn er ook nodig want zonder hen waren er geen kampioenen.
1697 Sep - 1972 Dec Opleiding als rijkswachtofficier
   - Kandidatuursjaren in de K Mil Sch te BRUSSEL
   - Licentiaatsjaren aan de "School voor Criminologie" RU GENT
   - Specifieke vorming in de K Sch Gd te BRUSSEL
Stages in eenheden, bijzondere vorming bij externe diensten en firma's (o.m. SIEMENS - BRUSSEL)
1973 Jan - 1975 Jan Officier in de 1e Mobiele Groep te GENT (Groendreefkazerne).
Aanvankelijk Peletonscommandant, wat later Tweede Commandant van een Eskadron.
Takenpakket:
     - inzet voor ordediensten, (petroleum, havenarbeiders, landbouwers)
     - bijstand aan Rijkswachtdiensten met personeelstekort,
     - verzorgen van de verdere theoretische opleiding van de jonge rijkswachters (wetgeving, richtlijnen, ...)
     - leiding van grotere acties in Oost- en West-Vlaanderen.
1975 Feb - 1979 Jan Adjunct-officier op het District GENT- Ridderstraat.
Takenpakket:
     - personeelsadministratie en algemeen beheer van het Distrikt (o.m. budgetvoorbereiding en -opvolging),
     - verkeer, ordehandhaving, transmissies.
     - opvolging van de bijzondere eenheden, bvb. Luchthaven- en HavenBde
     - meelopen in beurtsysteem (officier met dienst) en de coördinatie, controle en leiding van de begonnen gerechtelijke onderzoeken totdat het routinematig verder kon.
     - gebeurlijk versterking vormen voor de Mobiele Groep, bij grote en langdurige manifestaties, ook op afstand (MOL, GENK).
1979 Jan - 1983 Mrt Commandant van de rijkswachtbrigade GENT - Ridderstraat.
Wij verzorgden o.m. de eerste lijns politiezorg (naast de stedelijke politie) over gans het territorium van de stad GENT.
Dit hield zowel de verkeersongevallen in, als de vaststellingen en het verder onderzoek van kleinere misdrijven.
Daarnaast was er de zorg voor het bewaken van aangehouden personen in het Justitiepaleis of op andere plaatsen en het vervoer van minderjarigen naar oorden die met de justiciële jeugdzorg te maken had.
Een groot probleem daarbij is de onbereikbaarheid van een groot deel van de marginale bevolking (veelvuldig verhuizen zonder adreswijziging, enz...) en ook van de beroepsbevolking (werken overdag en hebben s' avonds een sociaal agenda af te werken).
Ik heb mijn mensen altijd sterk ingeprent dat ons werk niet gedaan is met de "justiciele afwerking", maar dat oorzaken enkel bestreden kunnen worden door een doorverwijzing naar andere (sociale) diensten.
Zo hadden wij, op een ogenblik dat de Rijkswacht nog alles wat links was schuwde, al een zeer goede samenwerking met o.m. "Vluchthuis voor Vrouwen", met Wetswinkel (= raadgeving), met een "roze"-organisatie (= voor homo-slachtoffers) en met enkele concregaties of een daklozenwerking (Pater ZOLDERMANS= Klemenswerk), waar we DAG en NACHT mensen konden onderbrengen voor eten en slaapgelegenheid.
De meeste sociale diensten (overheid of van een zuil) werken alleen OVERDAG en zijn niet voorzien op avondwerk, week-endwerk, werken tijdens de feestdagen.
Uit deze noodzaak werden er ook vele coördinerende activiteiten verricht in het kader van een werkbaarder "Sociale kaart van Gent".
1983 Apr - 1988 Apr Commandant van de BOB-GENT (eerst nog in de Ridderstraat, later verhuist naar de Groendreefkazerne).
Aanpak van de zwaardere criminaliteit via opsporing (dossiers, sporenmateriaal, observatie, informateurs, enz... ) met eigen personeel of met behulp van POSA of DIANE.
Het aanpassen van de documentaire bestanden aan de richtlijnen van de Commissie WIJNINCKX ... met vernietiging van gegevens ... die later noodzakelijk bleken voor de aanpak van groeperingen met terroristische of anarchistische inslag.
We zaten toen volop in de periode RAF - Brigade Rosso - C.C.C. en Action Directe met de bomaanslag op het CVP-gebouw in de Koning Albertlaan te GENT.
Deze drukke periode werd gevolgd door de periode van de bende van NIJVEL en de aanslagen op grote warenhuisketens.
Er was het grootschalige onderzoek naar een ABORTUSkliniek te GENT, gevolgd door een ander groot onderzoek in de wereld van de farmaceutische industrie, enz...
1988 Apr - 1992 Jan Syndicaal vrijgestelde van het N.S.R.P. = Nationaal Syndicaat van het RijkswachtPersoneel, met zetel te BRUSSEL
     Ik deed er in het bijzonder de tak "sociale en juridische bijstand"
     en als Nationale Penningmeester ook de boekhouding van de vereniging
     (volgens het Belgisch genormaliseerd stelsel) (eerst met behulp van een boekhoudster, later helemaal alleen).

Syndicale loopbaan:
Ik was reeds sedert 1969 gewoon lid van de vereniging.
Sedert 1973 verkozen als vertegenwoordiger van de officieren in de afdeling GENT.
Einde 1973 verkozen in de Nationale Raad als vertegenwoordiger voor de Officieren (nationaal).
Vanaf 1978 verkozen als lid van de Raad van Bestuur.
In 1986 voorbereiding van het thema en leiden van het Syndicaal Congres te MARCHE over "het militair karakter van de Rijkswacht". Voor het eerst namen ook politici deel aan een driedaags panelgesprek daaromtrent.
In 1987 verkozen als vice-voorzitter van de vereniging.
In 1988 aangesteld door Minister van Landsverdediging als permanent lid (= syndicale vrijgestelde).
In 1992 terugkeer naar het actieve leven, na onenigheid met de Nationale Vooritter Paul VAN KEER over financiële kwesties. Na strijd nam ik ontslag uit alle syndicale functies.
Ik bleef wel syndicaal actief achter de schermen voor bepaalde specialistische problemen en om de belangen van de BOB-ers te dienen.

Op het ogenblik dat ik terugkeerde naar de rijkswachtjob gaf voorzitter LANGENDRIES, die de politiewedden moest harmoniseren, zijn opdracht terug nadat de Minister van Justitie WATHELET en later VAN PARIJS twee maal na elkaar de weddes van de G.P.P. hadden verhoogd (op een ogenblik dat er een STOP daaromtrent was uitgevaardigd).
Concreet betekent dit dat de voorziene weddeverhoging voor de politiemensen, beloofd voor ten laatste 1993, werd uitgesteld en dat deze zich pas realiseerde na de oprichting van de "nieuwe politie" in 2001.
Daarmee bekwam ik nooit deze verhoging, en door mijn pensionering op 01 januari 2000 ontging ze mij definitief.
Op dit ogenblik zijn we zelfs uit de korf 13 van de politiediensten verwijderd en zijn de oude leden van de rijkswacht ondergebracht in de korf nr1, zodat we nooit nog de aansluiting met de nieuwe politiewedden mogen verhopen.
Door slechte beheersdaden van politiekers (2x weddeverhoging voor de G.P.P. op een ogenblik dat dat niet mocht !!) ontgaat er mij pensioengeld (de beloofde weddeaanpassing voor alle politiediensten in 1993) waarop ik normaliter recht heb.

Ik ben nog altijd lid van de vereniging die nu   N.S.P.V.  noemt.
1992 Feb - 1993 Sep Commandant van het Gerechtelijk Detachement bij het Krijgsauditoraat te GENT - Oude Schaapmarkt.
Na de demilitarisering van de Rijkswacht in 1991 werkte ik dus officieel "buiten de Rijkswacht".
    - Inderdaad, mijn werkdomein behoorde tot het departement van Justitie,
    - ik werd beheerd en betaald door het Ministerie van Binnenlandse Zaken,
    - en onze rechtsonderhorigen waren (nederlandstalige en franstalige) militairen en burgers resorterend onder het Ministerie van Landsverdediging.

Ondanks het feit dat de rijkswachters geen militairen meer waren sedert 1991, bleven ze gedurende een overgangsperiode ( = gans mijn tijd bij het Krijgsauditoraat) onderworpen aan de militaire jurisdictie, wanneer er geen medeplichtigheid was met personen onderworpen aan de normale jurisdictie.
Zoals vroeger bleven wij de gerechtelijke onderzoeken tegen rijkswachters en in rijkswachtkazernes voortzetten. Om deze reden was onze dienst niet bepaald geliefd in de schoot van de Rijkswacht.
Intussen is deze overgangsperiode volledig achter de rug en vallen de rijkswachters nu volledig onder de gewone jurisdictie.
1993 Sep - 1999 Dec Commandant van het Rijkswachtdetachement bij de Algemene Dienst Inlichtingen en Veiligheid van de Krijgsmachten. Laatste werkdag: 31 Dec 1999.
Het detachement deed de screening van personen en firma's die een veiligheidscertificaat behoefden. Mijn personeel (nederlandstaligen, franstaligen, één duitstalige) was werkzaam over het volledige grondgebied van België.

Mijn commando-periode werd gekenmerkt door een stevig gevecht met het Comdo van de Rijkswacht, die al haar personeel wou recupereren (omwille van hun status BOB) of indien dit niet zou lukken dan toch alleszins flink wou snoeien in het bestaande personeel.
Ik kreeg de opdracht om allerlei kwantificeerbare studies uit te voeren om de J/N-afschaffing van de dienst of de al dan niet reductie aan personeel vanuit het oogpunt van management te rechtvaardigen.
Anderzijds hebben deze bemoeienissen geleid tot het behouden van het BOB-statuut voor onze personeelsleden, wat gelet op de nakende politiehervorming voor hen van groot belang was.
Het bestaan van een Vast Comité tot Controle op de Inlichtingendiensten en het stilaan evolueren naar een Wet op de Inlichtingendiensten, had tot gevolg dat ik in hoge mate betrokken werd bij het uitwerken van neergeschreven methodes, van contactprocedures met andere diensten, van de aanduiding van bestanden die zonodig voor inlichtingdiensten consulteerbaar moesten zijn en van de wijze waarop de screenings op het terrein zouden moeten uitgevoerd worden.
Daarbij kwam dan ook inspraak en overleg bij de uitwerking van ontwerpteksten van wetten en koninklijke besluiten m.b.t. de inlichtingendiensten. Ik was dus, meer dan mijn voorgangers, aan het bureel gekluisterd.

Met deze functie was ik voor de tweede maal als rijkswachter buiten de rijkswacht tewerkgesteld.
De werkopdrachten en de -middelen kwamen van het Ministerie van Landsverdediging.
Het rijkswacht-personeelsbeheer viel onder het Ministerie van Binnenlandse Zaken.
Dit leidde tot "stiefmoederlijke toestanden", met twee stiefmoeders (de rijkswachtleiding en de legerleiding).

Tijdens mijn periode als één van de drie vrijgestelden van het Nationaal Syndicaat van het Rijkswachtpersoneel, werd ik in 1990 voorgesteld aan Koning Boudewijn.

 27 februari 2008.